De maand september is het beste reisseizoen voor een vakantie in Griekenland. De echte hitte is getemperd, de grootste vloedgolf aan toeristen is voorbij en in Nederland is de zomer een beetje ten einde. Voor veel Griekenlandliefhebbers is dit de meest geliefde maand om één van de Griekse eilanden te bezoeken. Ik doe dat eigenlijk al een aantal jaren zo. Vorig jaar zat ik op Samos. Dit keer koos ik voor een reis naar het eiland Zakynthos in de eerste week van september.

Zakynthos staat vooral bekend vanwege de onechte karetschildpad die hier iedere zomer nesten maakt in de Baai van Laganas en vanwege het meest gefotografeerde strand van Griekenland: Navagio oftewel Shipwreck Beach. Wat niet iedereen weet is dat Zakynthos ook bekend staat vanwege de bloemenpracht die zich op veel plekken op het eiland laat zien. De combinatie van de fleurige bloemen en de aanwezige bijen zorgt voor heerlijke honing.

De meeste excursies op Zakynthos spelen zich op zee af. Bezienswaardigheden zoals Shipwreck Beach, de Keri Grotten, de Blauwe Grotten en natuurlijk de caretta caretta zorgen voor een bloeiende toeristenindustrie op dit Ionische eiland. Ik ga vandaag Zakynthos over land verkennen. Met een huurauto zal ik een rondje maken over Zakynthos, waarbij ik voldoende van het eiland zou moeten zien om een goede indruk te krijgen van wat er te zien en te doen is.

Het aanbod van huurauto’s is groot op Zakynthos. Er zit echter veel kaf onder het koren. Goedkoop blijkt vaak duurkoop te zijn. Zo zijn er tal van autoverhuurders die je een auto van tien jaar oud of nog ouder mee durven te geven of die je onderverzekerd laten vertrekken. Op een eiland op Zakynthos met de vele bochtige wegen is de conditie van de auto belangrijker dan de prijs die je ervoor betaalt. En mocht het toch mis gaan, dan wil je graag goed verzekerd zijn. Ik ben daarom zoals altijd voor de zekerheid van Sunny Cars gegaan. Via hen heb ik een nette blauwe Opel Corsa gehuurd waar nog geen tienduizend kilometer op de teller staat. De all-inclusive autoverhuur van Sunny Cars zorgt ervoor dat ik volledig verzekerd ben zonder eigen risico.

De dag begint in Kalamaki. Daar verblijf ik in het Meandros Boutique & Spa Hotel. Het is vooral de ligging waarvoor ik dit comfortabele hotel gekozen heb. Het is een prima uitvalsbasis die dichtbij strand en restaurants ligt, maar niet in de drukte.



07:45 uur – opstaan

Het is zondag. Zou ik er daarom lastig uit kunnen komen vandaag? Op het moment dat ik opgestaan ben en de toegangsdeuren tot mijn balkon open, zie ik de gloed van de zon het landschap achter het hotel beschijnen. De weersverwachting vertelt me dat het geen dag zou moeten worden met volle bak zon. Ik moet ook met wat bewolking rekening houden. Daar is op dit moment niet zoveel van te merken, gelukkig. Buiten staand hoor ik de hanen kraaien en de ezels balken. In Nederland moet je de televisie aanzetten om ezels te horen, hier kun je ze live horen.

Ik neem een Griekse douche. Wat dat is? Voor mij betekent douchen in Griekenland dat het water niet bepaald constant van temperatuur is. Het ene moment voel ik koud water op mijn rug en niet veel later worden bepaalde delen van mij lijf ineens warmer dan ik aangenaam vind. Ik herinner mij dat dat vorig jaar op Samos ook zo was en volgens mij was het op de meeste andere Griekse bestemmingen niet veel anders. Na het douchen droog ik me af en smeer me eerst in met een antizonnebrandmiddel. Hoewel het al september is, is de zon hier op Zakynthos sterk genoeg om je te laten verbranden.

08:20 uur – ontbijt

De eerste maaltijd van de dag nuttig ik in het hotel. Ik heb een kamer op basis van logies met ontbijt geboekt. Dat is hier veel handiger dan iedere dag eerst op pad te moeten om te kunnen ontbijten. In grote steden ontbijt ik vaak wel in lokale zaakjes, maar hier dus niet. Het hotel biedt een uitgebreid ontbijtbuffet aan met allerlei warme en koude gerechtjes. Het is erg goed verzorgd. Naast normale koffie kun je via de machine kiezen uit allerlei koffievariaties zoals cappuccino en espresso. Er is een speciale tafel waarop lokale lekkernijen klaarstaan voor je. Denk hierbij aan kaas, zoete hapjes, honing en kruidenthee. Ik geniet buiten van het ontbijt terwijl ik uitkijk op het zwembad.

08:50 uur – op pad

Nadat ik mijn camera opgepikt heb en mijn tanden gepoetst heb, ga ik op pad. Ik heb een badlaken meegenomen en mijn zwembroek aangedaan. Dit biedt mij de kans om, als ik dat wil, ergens een verkoelende duik in de zee te nemen. De te verwachten maximum luchttemperatuur is vandaag 28 graden. Voor zover ik op klimaatinfo Zakynthos kan vinden is het zeewater hier ongeveer 25 graden. Mijn ervaring is dat het dan in ondiep water een paar graden warmer is.

09:00 uur – vliegtuigen spotten

De eerste stop ligt op slechts een paar kilometer van mijn hotel: Airport Café. Deze horecazaak ligt aan de westelijk kant van Kalamaki, aan de weg naar Laganas. Het gave van deze plek is dat die praktisch aan het begin van de landingsbaan van het vliegveld van Zakynthos ligt. Dit is de plek waar de vliegtuigen aan komen vliegen voordat ze landen. Via internet zag ik dat er om 9:35 uur een vliegtuig van Transavia met Sunweb livery moet landen. Dankzij een vluchttracker heb ik ook gezien dat hij waarschijnlijk een kwartier te vroeg zal arriveren. Een prima moment dus om plaats te nemen op het dakterras van Airport Café. Het dak bereik je via een oude vliegtuigtrap. Hoe origineel.

Ik bestel een kop koffie en wacht op het vliegtuig. En ja hoor, om tien voor half tien zie ik vanaf de zee ineens de lampen opduiken van wat het Transavia-vliegtuig zou moeten zijn. Ik pak mijn camera en ga klaarstaan op de bovenkant van de trap. Klik, klik, klik…. ik heb de Boeing 737 met groot Sunweb-logo te pakken op de foto. Hij is goed gelukt omdat de zon op dit tijdstip schuin achter mij staat.

09:40 uur – olijfpersmuseum

Als je Laganas in zuidwestelijke richting verlaat dan kom je ineens in het echte Zakynthos terecht. Ik rijd plots tussen de olijfbomen. Al snel vergeet ik de toeristenoorden waar ik net vandaan kom en neem het landschap in mij op. Onderweg kom ik tot twee keer toe een bord tegen waar ‘Olive Press Museum’ op staat. Ik besluit om me door deze borden te laten leiden. Ik vertoef immers op een eiland dat mede bekend staat om de goede olijven en olijfolie.

Na een kwartier rijd ik het terrein op van olijfolie producent Aristeon. Het museum is onderdeel van hun fabriekje waar de blikken met olijfolie vervaardigd worden. Op dit moment wordt er niest gemaakt, want de pluk van de olijven start zo’n beetje op het moment dat het toeristenseizoen over is. Dan pas zullen de moderne olijfpersen volop aan het werk gezet worden.

Buiten staan de oude olijfpersen in een rij opgesteld. De oudste persen stammen uit de negentiende eeuw. Dit zijn onder andere de persen op basis van ronde stenen die heel lang hier op Zakynthos gebruikt zijn. Je ziet op een rij van pakweg veertig meter de evolutie van de olijfpers. Daarna ga je de fabriek in waar je de glimmende moderne machines ziet waarmee de olie uit de olijven geperst wordt. Dat is heel ander materiaal! Als je met een excursie hier komt dan geeft de gids je uitleg. Ik maak wat foto’s en loop direct door naar het drukste plekje van het museum: de proeverij. Hier kun je kennismaken met de olijfolie van Aristeon. Natuurlijk is hier meteen het verkooppunt ingericht. Daarmee genereert men geld, want de toegang tot het museum is verder gratis.

10:00 uur – het binnenland in

Vanuit het olijfmuseum trek ik verder het binnenland van Zakynthos in. Naarmate ik me naar hogergelegen gebieden begeef, zie ik het landschap veranderen. Meer open stukken en meer variatie in begroeiing. Op de open vlaktes zie ik de kleuren veranderen. Op de route van Lithakia naar Koiliomenos zie ik zowaar wat stukken met droog, geel gras. Ik vond het eiland al zo opmerkelijk groen, zeker als je in ogenschouw neemt dat het september is en Zakynthos de droogste maanden van het jaar achter de rug heeft.

Het eerste dorp waar ik een stop maak is Koiliomenos. Dit is één van de vele authentieke dorpen die je op Zakynthos aan zult treffen. Het is geen groot dorp. Als ik moet schatten dan zou ik zeggen dat hier niet meer dan een paar honderd mensen wonen. Vier daarvan zitten bij de plaatselijke kafenion op het terras om de dingen van de dag met elkaar te bespreken. Aan een tafeltje zit een Nederlands stel dat goed hoorbaar zowat iedereen bespreekt die voorbij komt. Goed aangepaste toeristen dus, want dat is wat de lokale mannen ook veel doen als je vanaf een terras de omgeving gadeslaan. Ik verhoog het aantal Nederlanders met 50% door even op het terras nog een espresso te nemen. Het geeft mij even de tijd om aan de tekst te werken voor dit verhaal. De koffie is duur: 2,50 euro voor een espresso. Volgens mij betaal ik dat zelfs in Nederland niet eens. Ik vraag me bijna af of ze de Grieken dezelfde prijs rekenen.

In het hart van Kioliomenos zie je iets wat typisch Grieks is: de kerktoren is een losstaand gebouw en zit niet vast aan de Grieks orthodoxe kerk. Beide gebouwen zijn plaatjes om te zien. Dat komt vooral door de onbeschilderde stenen. Dit geeft de gebouwen een mooie uitstraling. Wat hier bijzonder is, is dat de doorgaande weg tussen de toren en de kerk doorloopt. De kerk is mooi gesitueerd met een fraai uitzicht over de valei. De toren staat aan de overkant.

De volgende stop is in Exo Chora. De reden om hier de auto even te parkeren is een ongeveer tweeduizend jaar oude olijfboom die hier langs de weg staat. Het is niet de oudste olijfboom op het eiland, maar wel het beroemdste op Zakynthos. Dat wordt mede bewezen door de twee busladingen met zo te horen Russische toeristen die hier rond de boom en bij de toeristenwinkeltjes lopen. Voor de boom zit een man wat op een mondharmonica te spelen. Totaal niet mooi, maar toch ontvangt de muzikant fooien van de toeristen. Zodra de mensen richting de bus lopen stopt de man met spelen, waarna hij opstaat en even ergens anders naartoe gaat. Dat zal tot de volgende bus met toeristen zijn.

11:25 uur – twee kloosters

Ik ga het klooster in. Nee, ik ga zelfs twee kloosters in. Niet als monnik, maar als bezoeker. Zakynthos telt meerdere kloosters die het bezoeken waard zijn. Ik bezoek de twee kloosters die bij Anafonitria liggen. Het eerste klooster is niet meer bewoond, maar behoort tot de best bezochte bezienswaardigheden van Zakynthos: het klooster van Anafonitria. In dit vijftiende eeuwse klooster heeft de beschermheilige van het eiland, Agios Dionysios, gewoond. Ieder jaar wordt dit op 24 augustus hier uitgebreid gevierd.

In de kloosterkerk mag ik niet fotograferen. Ik respecteer dat. Als de deur open is, zoals nu, kun je onder andere fraaie fresco’s zien. Het is goed om te zien dat het oude klooster de aardbeving van 1953 grotendeels overleefd heeft. Hierdoor is er een belangrijk stuk erfgoed van het eiland bewaard gebleven.

Het twee klooster ligt nog geen tien minuten rijden verderop. Dit is het Agios Georgios Krimnon klooster. Eerlijk gezegd vind ik dit klooster mooier dan het vorige. Vanwege de historische waarde stonden er bij het eerste klooster vier toeristenbussen en hier geen. De toeristen die er wel zijn, zijn hier mede door het bijna misleidende bordje met ‘shipwreck view’. Als je langs het klooster naar de zee loopt dan kun je net een glimp opvangen van de zijkant van Navagio. Je ziet geen strand en geen scheepswrak.

Het rood/blauwe licht op bovenstaande foto wordt veroorzaakt door het zonlicht dat via blauwe en rode ruiten naar binnen komt.

Het klooster zelf stamt uit 1535 en is het thuis geweest van een aantal beroemde kerkelijke mannen, zoals Agios Gerasimos en Pahomios Roussanos. De opvallende ronde toren die binnen de kloostermuren staat heeft geen religieuze reden, maar is gebouwd ter verdediging tegen piraten die in de zestiende en zeventiende eeuw geregeld toe sloegen. Op dit moment wonen er nog maar twee monniken. De vraag is hoelang dit klooster nog bewoond zal zijn. Er zijn steeds minder mannen die voor het monnikenleven kiezen.

12:10 uur – Navagio

Voor velen is Shipwreck Beach, dat in het Grieks Navagio genoemd wordt, het absolute hoogtepunt van een vakantie op Zakynthos. Dit is het meest gefotografeerde en bekendste strand van heel Griekenland. Wie een foto van Navagio ziet die weet meteen om welk strand het gaat. De baai die omgeven wordt door kalkstenen kliffen zou op zich al tot de mooiste stranden van Griekenland behoren. Dat komt door het totale plaatje inclusief een licht zandstrand en de enorm felblauwe zee. Het scheepswrak dat midden op het zandstrand ligt maakt het hele plaatje compleet.

Via een doodlopende weg rijd ik naar de parkeerplaats die bij het uitzichtpunt op Navagio ligt. Want je kunt dit strand maar op twee manieren zien: vanaf zee of vanuit een hoger uitzichtpunt. Je kunt Navagio niet over land bereiken. Dit maakt het waarschijnlijk nog gewilder om toch een glimp van deze hotspot op Zakynthos op te vangen. Ik heb geluk dat ik hier met een huurauto ben. De mensen die met een touringcar hier komen die worden aan het begin van de doodlopende weg uit de bus gezet. Die kunnen de pakweg zevenhonderd tot achthonderd meter lopend afleggen. Omdat je dan naar beneden loopt, is dat niet zo erg. De weg terug is minder leuk. Je moet dan bergop lopen terwijl het goed warm is.

Nadat ik de auto op de parkeerplaats geparkeerd heb, loop ik naar het uitzichtpunt. Dat is pakweg honderd meter lopen. Daar is een kleine stalen brug gemaakt waar je om de beurt een aardig uitzicht hebt op de baai en het strand. Wat opvalt is hoe betoverend mooi de zee is. Ik geloof niet dat ik ooit zo’n intense kleur blauw heb gezien in het water. Het zonlicht en de reflectie van de kliffen werken hier goed samen om ons een visueel spektakel te geven.

Het uitzicht kan volgens mij beter. Ik ken immers de foto’s van Navigio. Als ik rechts van mij kijk wordt dat gevoel bevestigd. Op die klif zie ik mensen lopen tot aan het einde. De klif heeft een kromming, waardoor ik me voor kan stellen dat je daar een beter en voller uitzicht hebt op het beroemde Shipwreck Beach. Het is bepaald geen geplaveid pad waar je overheen loopt. Het is een rotsachtig pad langs struiken met puntige takken. Ik ben blij dat ik mijn wandelschoenen aan heb. Redelijk wat mensen lopen op slippers of flipflops. Dat is niet bepaald het beste schoeisel om hier te lopen. Neem van mij aan: trek tenminste sneakers aan. Beter nog is om stevige wandelschoenen aan te trekken. Naarmate ik verder kom, neemt de spanning toe. Voor iemand met hoogtevrees zoals ik is dit een onderneming die met het nodige zweet in de bilnaad gepaard gaat. En dat komt niet alleen door de warmte!

Sommige mensen nemen meer risico dan goed voor ze is om de perfecte foto te proberen te maken. Vooral degenen die selfies willen nemen halen capriolen uit die zomaar verkeerd af zouden kunnen lopen. Er is geen hek. Er is geen vangnet. En de klif is hier enkele tientallen meters hoog. Een val is volgens mij bijna gegarandeerd fataal.

Na tien minuten ben ik bijna aan het einde van de klif. Hier is volgens mij het beste punt voor een goede overzichtsfoto van Navagio Beach. Ik moet iets dichter bij de rand gaan staan dan ik prettig vind. Het gebeurt wel met een voorzichtigheid die een mogelijke val vrijwel uit zou moeten sluiten. Het strand en het zeewater zijn goed belicht door de zon. De witte wanden van de kliffen liggen op dit tijdstip niet in de zon. Daardoor zijn ze minder fel wit dan later in de middag.

Wederom in tien minuten loop ik terug naar de parking. Daar koop ik vlak voor ik de auto in stap een koel flesje water. De inspanning van daarnet heeft mij dorst bezorgd. Voor een koel flesje water betaal ik slechts 1 euro. De monopoliepositie die de snackkraam hier heeft zou tot hogere prijzen kunnen leiden. Dat valt dus enorm mee.

13:25 uur – Elies

De tocht over Zakynthos vervolgd zich in noordoostelijke richting. Onderweg krijg ik ineens te maken met de wolken die voorspeld werden. Boven Volimes zijn het zelfs grijze wolken die zich aan de lucht laten zien. Er valt geen regen uit. Wel blijft het weer eventjes wat minder zonnig dan ik gehoopt had. Tja, dit kan gebeuren in september.

Op aanraden van de Marco Polo reisgids over Zakynthos rijd ik door naar het dorp Elies, dat meer noordwaarts op het eiland ligt. Zakynthos telt niet veel musea. De tekst over Parko Elies heeft mij overtuigd om daar naartoe te gaan. De gids meldt: “Veel Grieken dromen van een eigen, particulier museum. De boer en bouwvakker Jánnis Gidítsis kreeg het voor elkaar. De ijverige verzamelaar van mooie rotsblokken, bizarre wortels en roestende auto’s heeft in een voormalige steengroeve zijn paradijsje gecreëerd; in de bijbehorende taverna kookt zijn vrouw zoals zij dat van haar grootmoeder heeft geleerd.”

Ik sta echter voor een gesloten poort. Elies Park is duidelijk voorgoed gesloten. Waarom dit openluchtmuseum gestopt is, is mij niet duidelijk. Op internet kan ik er verder niets over vinden. Dit soort dingen gebeuren. Iedere vakantiebestemming is aan verandering onderhavig. Dat betekent dat informatie achterhaald kan zijn. In het geval van een papieren reisgids gebeurt dat eerder dan op een website die in een paar minuten aangepast kan worden.

Het dorp Elies zelf lijkt meer op een spookdorp dan dat hier nog mensen wonen. Sommige woningen zijn getransformeerd tot bouwvallen. Anderen zijn nog in prima staat. Wel duidelijk geopend is de Elies Olive Press. Er staan wijnen en blikken olijfolie buiten uitgestald. De deuren zijn geopend om iedereen welkom te heten. Uit nieuwsgierigheid ga ik naar binnen. Natuurlijk heb ik vanochtend al een olijfpersmuseum bezocht, maar iets triggert mij om naar binnen te gaan. Ik word van harte verwelkomd door Marinetta. Zij laat mij hun vijf variaties van olijfolie proeven: extra virgin zonder toevoeging en vier varianten met sinaasappel, citroen, chili en knoflook met rozemarijn. Dat proeven geschiedt door middel van brood dat door haar moeder gebakken is. Haar broer Giannis staat bij de tafel met koopwaar. Dit is duidelijk een familiebedrijf.

Marinetta vertelt mij vol passie over de olijfindustrie die al eeuwenlang plaatsvindt op Zakynthos. Ze legt uit waarom hun olijfolie zo uniek is en dat sommige bomen die hier staan wel drieduizend jaar oud zijn. Op de vraag van mij waarom de boom van tweeduizend jaar oud in Exo Chora zoveel groter is, legt ze me uit dat die olijfboom in gemakkelijke grond staat. De bomen in Elies staan op rotsgrond waardoor ze veel harder moeten werken om te groeien. Dat zou de smaak van de olijven ten goede komen. Ze vraagt mij of ik een professioneel fotograaf ben, vanwege mijn camera. Ik vertel haar wat ik doe en voor we het weten raken we in gesprek over reizen, over het de olijfindustrie en over Zakynthos. Ze geeft me een aantal goede tips over het eiland. De vriendelijkheid die ik hier meemaak, is iets wat ik overal op het eiland voel. Ik voel me welkom op Zakynthos.

O ja… de olijfolie smaakt heerlijk. Vooral de variant met sinaasappel kan mij erg bekoren. Die fraaie combinatie zou vooral zo’n succes zijn omdat de citrusvruchten meegeperst worden met de olijven. Ik koop drie flessen olijfolie (sinaasappel, citroen en knoflook met rozemarijn) vooraleer ik gedag zeg en Elies verlaat.

14:00 uur – lunch

Na de wandeling van daarstraks heb ik trek gekregen. Mijn plan om kennis te maken met de kookkunsten van mevrouw Gidítsis in Elies Park is in duigen gevallen. Borden in Elies sturen me in de richting van restaurant Old Windmill. Het bord meldt ‘traditional Greek’. Dat wil ik wel proeven. Na ruim twee kilometer stop ik bij het restaurant. Het is gebouwd naast een restant van een windmolen zoals ze hier vroeger volop gestaan hebben.

Van de menukaart kies ik voor kokkinisto. Dit is een stoofgerecht van bief met tomaat en Griekse kruiden. Kokkinisto schijnt te staan voor het rood maken van vlees. Het gerecht zou oorspronkelijk van buureiland Kefalonia komen. Het zou mij niets verbazen als kokkinisto ontstaan is door invloeden van de Italiaanse keuken, mede omdat het vooral gegeten wordt met rijst of pasta. De toevoeging van geraspte geharde kaas lijkt mij ook een Italiaanse invloed.

Ik reken achttien euro af voor de lunch inclusief een drankje en de fooi. Voor Griekse begrippen niet goedkoop, maar ik heb lekker gegeten. En daar gaat het toch om?

14:50 uur – Agios Nikolaos

Na voldaan te zijn door de lunch ga ik nog iets verder noordwaarts. Het dorp Agios Nikolaos is de meest noordelijke badplaats van Zakynthos. Je moet dit dorp niet verwarren met het Agios Nikolaos strand dat in het zuidoosten van het eiland ligt. Het dorp is met ongeveer veertig inwoners klein, doch niet onbelangrijk. De haven van Agios Nikolaos zorgt voor veel levendigheid. Zo vertrekt hier in de zomerperiode twee maal dagelijks de veerboot naar Kefalonia. Zelf ben ik hier een paar dagen geleden met de ochtendveerboot vertrokken voor een dagtocht naar Kefalonia. Dat verhaal kun je hier lezen.

Agios Nikolaos is onder toeristen vooral geliefd als vertrekpunt om de Blauwe Grotten te ontdekken. Deze bekende grotten liggen aan de kust van Zakynthos, direct ten noorden van Agios Nikolaos. De naam van de Blue Caves komt van het felle turquoisekleurige water dat fraai afsteekt bij de witte kalksteen. Vanuit de haven kun je deelnemen aan een georganiseerde boottocht of zelf een bootje huren. De toeloop van toeristen zorgt voor een gezellige drukte in de restaurants die aan de hoofdweg liggen. Op het strand liggen mensen te zonnebaden. Ik loop nog geen twintig minuten rond in het dorp en maak wat foto’s.

15:25 uur – vitamine C

Na Agios Nikolaos rijd ik langs de oostkust richting het zuidoosten van het eiland. In eerste instantie doe ik dat vooral via bergachtig gebied. Ik passeer daarbij twee mooie baaien: Makris Gialos en Xigkia Beach. Ik stop hier nog niet. Waar ik wel een stop maak is bij het sinaasappelsapstalletje dat op een mooi uitzichtpunt staat. Hier bestel ik een glas verse jus d’orange die voor mijn neus geperst wordt. Ik reken vier euro af. De dame vertelt mij dat ze hier al twintig jaar staat en het nog altijd met alle plezier doet. Als je de locatie ziet dan begrijp je het wel.

Van hieruit kijk je uit op de oostkust van Zakynthos. Je kunt de badplaatsen Alykes en Alykanes goed zien liggen. Je ziet van hieraf een stukje van het voormalige zoutmeer waar tot enkele tientallen jaren geleden zout gewonnen werd uit zeewater. Dat doen ze hier nu niet meer. Het uitzicht op het vroegere zoutmeer is een paar bochten terug beter. Daar is echter geen plek om te stoppen langs de redelijk drukke weg.

16:10 uur – Bochali

Voordat ik naar Zakynthos-stad rijd, maak ik eerst nog een stop in het hoger gelegen Bochali. Dit is de beste plek met uitzicht op de stad Zakynthos. Dit is ook het beste moment om bij daglicht van het panorama te genieten. Nu staat de zon bijna in het oosten, waardoor er geen tegenlicht meer is. Omdat de wolken niet geheel verdwenen is, is het licht gefilterd. Dat is geen ramp. De plek om vrij naar beneden te kunnen kijken is bij de Zoodochos Pigi kerk. De parkeerplaats waar ik mijn auto even kan wegzetten ligt net voor aankomst bij de kerk.

Kennelijk ben ik net op tijd om een glimp van de Grieks-orthodoxe kerk op te vangen. Zodra ik een minuut binnen sta begint er een man driftig de vloer te dweilen waarbij hij in gebarentaal duidelijk maakt dat iedereen naar buiten moet. De deur wordt resoluut achter ons gesloten.

Dan focus ik me op het uitzicht. Dat is fantastisch. Je kunt van hieruit niet alleen de stad en de haven goed zien liggen, daarachter ligt de berg Skopos. Die 485 meter hoge berg is een leuke uitdaging voor wandelaars. Een beetje hike duurt al snel een uur of 4 tot 5. Dat gaat me vandaag niet meer lukken. Op het terras van Latas Café ga ik even zitten voor een koel colaatje. Zo kan ik even in alle rust de omgeving in mij opnemen.

16:50 uur – Zakynthos-stad

Zakynthos kent slechts één stad en die heet ook Zakynthos. Om verwarring te voorkomen voegt men de toevoeging ‘stad’ toe in het Nederlands of ‘city’ in het Engels. Een andere wijze om aan te duiden dat je het over de plaats en niet over het eiland hebt is door de naam Zante te gebruiken. Dit is hoe het Zakynthos door de Italianen genoemd werden toen het eiland tot Italië behoorde. Ik parkeer de auto vlak achter het hart van de stad: de Platia Solomou. Dit is ‘s avonds een zeer levendige plek met volle terrassen en veel spelende kinderen op het centrale deel van het plein. Op dit tijdstip zijn te terrassen helemaal leeg. Wel fietsen er twee jongetjes over het plein.

De enige echte ‘drukte’ is bij de oude Agios Nikolaos kerk, die in het jaar 1560 gesticht werd door het vissersgilde. Deze kerk is vandaag het decor van een trouwceremonie. Als niet-gast kan ik daarom nu niet naar binnen. Jammer, want er zou boven het altaar een schilderij van Titiaan of één van zijn leerlingen prijken.

Wat opvalt is dat de stad Zakynthos eigenlijk de meest authentieke plaats van het eiland is. Hier vindt het echte dagelijks leven plaats en zijn de toeristen slechts bijzaak. Hier heerst er in de winter geen doodse stilte, maar gaat het leven gewoon door. Waarschijnlijk wel op een lager pitje. Ik loop via de waterkant richting de haven. Aan de kade liggen grote jachten waarvan de eigenaren flink in de slappe was moeten zitten. Ik zie mensen soms met een felle begeerte in hun ogen naar dit soort dure pleziervaartuigen kijken. Voor mij is dat helemaal niet herkenbaar. Ja, het lijkt me leuk om een keer een vakantie op zo’n jacht te vieren. Maar de wens om er zelf eentje te bezitten is niet aanwezig.

Vlak voordat ik bij de commerciële haven kom vanwaar onder andere de veerboten vertrekken kom ik bij een tweede kerk uit. Dit is de Sint-Dionysiuskerk. Deze Grieks-orthodoxe kerk is vernoemd naar de beschermheer van het eiland Zakynthos. De kerk is tevens zijn laatste rustplaats. Twee keer per jaar, op 24 augustus en op 17 december, wordt Dionysius herdacht. De kist met zijn overblijfselen wordt dan door de stad gedragen met daarachter een enorme stoet aan mensen. Men maakt er een enorm festijn van, inclusief spectaculair vuurwerk. Ik neem een kijkje in de kerk.

Dit is een goed punt om rechtsomkeert te maken en terug te keren naar mijn tijdelijke automobiel. Tijdens deze namiddagwandeling heb ik een mooie glimp op kunnen vangen van de enige stad van het eiland. Het is tijd om verder te gaan.

18:00 uur – brug in de zee

Voordat ik terugkeer naar mijn hotel pak ik nog een laatste bezienswaardigheid mee. Die staat in Argassi. Het is een stenen brug die in de zee staat. Waarom in de zee is de vraag die in mij opkomt. Het antwoord daarop heb ik niet kunnen vinden. Ik parkeer de auto vlak bij het tankstation van Argassi. Daar loop ik via een steegje richting het strand en ja hoor, ik zie een brug in de zee staan.

Het is bijzonder om een brug zo in de zee te zien staan zonder dat er wegen of paden op aansluiten. Op de stenen brug prijkt een bordje met het jaartal 1805. Opvallend is dat sommige websites het over 1806 hebben. Het laatste cijfer is toch duidelijk een ‘5’ en geen ‘6’. De brug met drie bogen is gebouwd in de Venetiaanse stijl. Foto’s kunnen bedrieglijk zijn. In werkelijkheid staat de brug veel dichter bij het strand dan dat ik vermoedde op basis van foto’s die ik gezien had. Al met al is het wel een bijzondere bezienswaardigheid die ik even met eigen ogen wilde aanschouwen.

18:35 uur – nog even zwemmen

Het plan was om eventueel nog door te rijden naar Gerakas Beach om daar een duik in de zee te maken en om van de zonsondergang te genieten. De bewolking heeft zich dusdanig ontwikkeld dat ik er een hard hoofd in heb dat er een fatsoenlijke sunset te zien zal zijn. Ik moet zeggen dat ik het eigenlijk ook wel een beetje genoeg vind zo met het autorijden. De laatste bestemming wordt mijn hotel in Kalamaki. Daar kleed ik me snel om, om vervolgens nog even van het aangename zwembadwater te genieten. Het is niet zo mooi als Gerakas, maar wel lekker verkoelend.

19:35 uur – en weg was de zon

Zoals ik al verwachtte zorgen de wolken ervoor dat er geen optimale zonsondergang plaatsvindt. Voordat de zon achter de bergen kan verdwijnen, zijn het de wolkpartijen die de zon aan mijn blik onttrekt. Het ziet er naar uit dat ik de juiste keuze heb gemaakt om niet speciaal voor een mooie sunset naar het einde van het eiland te rijden.

20:00 uur – diner

De dag op Zakynthos komt zo een beetje ten einde. Het is tijd om de inwendige mens te verwennen. Dat doe ik op het terras van Resto Bar Vinaz. Die zit op 2 minuten lopen van mijn hotel. Het voordeel van een restaurant op loopafstand is dat ik niet meer hoef te rijden. Het is vandaag ook weekend, dus trakteer ik mezelf op een welverdiende cocktail als aperitief: de Sloe Jin Fizz. Een lekkere friszure cocktail op basis van gin en limoen die mij prima bevalt.

Het voorgerecht wordt de soep van de dag. Dat is vandaag minestrone. Wat een feestje! De bouillon is zo krachtig en smaakvol dat ik dit bord soep tot de beste bestempel die ik dit jaar op heb. Er zit vrij weinig groente in, maar dat doet geen afbreuk aan de soep. De kunst van goede soep maken is een mooie bouillon creëeren. De rest is vulling.

Voor het hoofdgerecht heb ik gekozen voor een special van de dag: brasemfilet. De vis is over het algemeen goed hier op Zakynthos. Het enige wat wel eens een puntje wil zijn bij verse vis is de prijs. Dat is bij hele vissen altijd een prijs op basis van gewicht. Hoe groter de vis, des te meer je betaalt. Bij visfilet is het vaak een vaste prijs. Wat die prijs voor het door mij bestelde gerecht gaat zijn, weet ik nog niet. Er staan geen prijzen op het bord en ik heb er ook niet naar gevraagd. Ik wil mijn keuze niet op de prijs laten afhangen.

Bij vis hoort wijn. De vis moet zwemmen, zeggen we thuis altijd. Ik ben alleen en een fles is dan al snel teveel. Er is maar één droge witte wijn die per glas te bestellen is: Petriessa Makro Lithari. Een frisse witte wijn met fruittinten van onder andere citrus. Er worden twee druivensoorten gebruikt voor deze wijn: Roditis en L. Kudura. De wijn komt volgens de ober uit het noorden van Griekenland. Om de dorst te lessen bestel ik er plat water bij.

De brasem is uitstekend gegrild. De twee filets zijn gaat maar niet doorgegaard. Ik krijg hem met de huid geserveerd op een voor de bediening lastig kunststeden bord. Bij de vis wordt een saus met mosterd geserveerd, die ik niet gebruik. Vis moet niet teveel opsmuk hebben. Verder ligt er verse groente op mijn bord en een puree op basis van knolselderij. De puree is vrij heftig tegenover de vis die van natuur tam van smaak is.

De rekening bedraagt 33 euro. Ik zie meteen dat de vis 17 euro kost en de soep maar 4 euro. Probeer dit in Nederland maar eens! Bij de rekening krijg ik een glaasje met een zoetig alcoholisch drankje van het huis. Yamas dan maar weer!

Naschrift

Mijn keuze was om één dag een ronde over een groot deel van het eiland te doen. Daardoor heb ik een aantal dingen niet gezien, zoals het uitzicht over de witte kliffen vanaf de panoramaterrassen bij Kampi of het terras van het Keri Lighthouse. Schiereiland Skopos heb ik vandaag ook niet meer meegepakt. Tijdens een autorondrit komen de bezienswaardigheden in en rond het water ook niet aan bod. Denk aan de onechte karetschildpad, de Kerigrotten en de Blauwe Grotten.

De route die wij gereden hebben kun je ook prima met een scooter of quad doen. Die worden volop te huur aangeboden op Zakynthos. De gemiddelde snelheid zal op sommige stukken wat lager liggen dan wanneer je met de auto rijdt. De bochtige wegen en snelheidslimieten zorgen ervoor dat je met de auto niet zoveel sneller kunt gaan. Het voordeel van een auto is vooral dat je niet in de felle zon zit. De airconditioning zorgt voor de nodige verkoeling onderweg.

Om je een indicatie van de prijzen voor 1 dag te geven: een kleine auto kost je ongeveer 30 tot 50 euro, een scooter 15 tot 30 euro en een quad 45 tot 65 euro. Ben je met meer dan twee personen dan is een auto voordeliger in huur. Ik zou vanwege de veiligheid voor een auto gaan in plaats van een quad of scooter.