Reizen met de trein doe ik weinig. Mijn ervaring is dat het vaak een gedoe is, dat je geluk moet hebben als treinen op tijd rijden of niet uitvallen, en dat het kopen van een treinkaartje geen enkele garantie biedt op een zitplek. Toch ga ik de komende weken geregeld met de trein op pad. De reden daarvoor is simpel: dankzij de zomeractie van de NS, die bedoeld is om de hogere brandstofprijzen door het kabinet te laten compenseren, is reizen met de trein financieel aantrekkelijk geworden. Voor slechts 49 euro kun je een maand lang onbeperkt tijdens daluren met de trein reizen. Betaal je 42 euro extra, dan mag je 1e klas reizen, wat de kans op een zitplaats aanzienlijk vergroot.
Mijn eerste trip met het NS Flex Dal Vrij-abonnement zou Maastricht geweest zijn. Helaas is mijn OV-kaart nog niet binnen, dus kan ik nog niet met mijn abonnement reizen. Na een telefoontje met de NS Klantenservice heb ik wel een voucher ontvangen om vandaag te kunnen reizen. Met het ticket dat ik daarmee kan krijgen, mag ik niet voor de spits inchecken en tijdens de spits reizen. Dan is Maastricht ineens geen optie meer. Het kaartje staat al wel in mijn NS-app. Ik wijzig daardoor de plannen: in plaats van Maastricht ga ik vandaag naar het veel dichterbij gelegen Tilburg. Scheelt me bijna twee uur reizen en zorgt ervoor dat ik voldoende tijd in de stad overhoud.
Tilburg is geen voor de hand liggende stedentripbestemming. Wie naar een stad in Noord-Brabant wil reizen, kiest eerder voor Den Bosch, Breda of Eindhoven. Heerlijke winkelsteden, met leuke musea en historische plekken, die hun bezoekers weten te verleiden. Tilburg spreekt minder tot de verbeelding. Deze centraal in de provincie gelegen stad heeft vooral een verleden als industriestad. Vooral de textielindustrie heeft jarenlang het ritme van Tilburg bepaald. Wijken werden hoofdzakelijk gevuld met arbeiderswoningen en faciliteiten die pasten bij de bevolking van Tilburg.
De industrie is grotendeels verdwenen uit Tilburg. Dat heeft de afgelopen jaren geleid tot stadsvernieuwingsprojecten en een aantrekkelijkere binnenstad. Ik neem je vandaag mee naar Tilburg anno 2026, om te laten zien waarom deze stad de moeite van het bezoeken waard is.
8:45 uur – parkeren bij P+R
De reputatie van de ‘bewaakte’ fietsenstalling bij treinstation Roosendaal is ronduit belabberd. Er worden hier aan de lopende band fietsen gejat. Daarom kies ik ervoor om met de auto naar het station te rijden. Op het P+R parkeerterrein kun je extra voordelig parkeren, mits je met de trein reist. Deze zomer betaal je zelfs maar 2 euro voor een dag parkeren. Dat maakt het extra aantrekkelijk.
8:57 uur – met de trein naar Tilburg
Exact om 8:55 uur check ik in en loop ik in stevige pas door het poortje, richting de trein. Ik neem plaats in een verder lege 1e-klassencoupé. Niet veel later komt de trein in beweging om koers richting het oosten te zetten.
9:35 uur – aankomst in Tilburg
Met twee minuten vertraging arriveer ik in Tilburg. De trein moest vlak voor aankomst even wachten, vandaar de kleine vertraging. Ik verlaat het station aan de zuidkant en loop daarna door in westelijke richting. Moderne gebouwen worden afgewisseld met een paar mooie historische panden, waaronder die waar het Natuurmuseum Brabant in gevestigd is.
9:50 uur – wandeling door het Spoorpark
Vanaf het station loop ik naar het Spoorpark. Dit park herinner ik me nog van een vorig bezoek aan Tilburg. Vind het een van de fijnere plekjes in de stad en het is een perfecte plek om de dag in Tilburg te starten. Het park is aangelegd op een voormalig terrein van Van Gend & Loos en vormt sinds 2019 een groene recreatieplek langs het spoor. Bijzonder is dat het niet alleen een gemeentelijk project was: het geldt als het grootste burgerinitiatief van Nederland. Inwoners, organisaties en vrijwilligers hadden een grote rol bij de ontwikkeling en het beheer.
Het park heeft een open, moderne inrichting met grote grasvelden, wandelpaden, sportvoorzieningen, een speelgedeelte, waterpartijen en het T-Huis voor koffie, lunch, borrel of diner. Aan de spoorzijde staat de Kempentoren, een stalen uitkijktoren met uitzicht over Tilburg, de Spoorzone en het park zelf. De toren is een van de herkenbare elementen van het gebied.
Ik maak een wandeling van een klein half uurtje door het park. Op sommige plekken neem ik de tijd om even een foto te maken. Het gras in het oostelijke deel van het Spoorpark is op sommige plekken flink beschadigd. De reden? Afgelopen week vond hier het festival Spoorpark Live plaats, waar o.a. Anouk, Bente, Clouseau en Duran Duran op het podium gestaan hebben.
10:20 uur – (geen) Kempentoren
Ik had graag van het uitzicht op de Kempentoren genoten, maar dat is helaas niet gelukt. Deze uitkijktoren in het Spoorpark heeft een automatische kassa en toegangspoort. Ik betaal contactloos de 2 euro aan entree en het scherm geeft aan dat ik naar binnen kan.
Wat ik ook probeer, de draaipoort is niet in beweging te krijgen. Zouden ze de toren vanwege het festival gesloten hebben? Ik heb geen idee. Het had wel zo fijn geweest als ze dan de betaalmodule ook uitgezet zouden hebben. Jammer van de twee euro, maar nog meer jammer dat ik niet naar boven kan gaan.
10:35 uur – Nooit Gebouwd Tilburg
Op de Gasthuisring loop ik bij toeval langs een kleine expositie. Deze is van 21 mei tot en met 21 juli te zien in de etalage van Studio de Gruyter. De kleine expositie laat projecten zien die voor Tilburg bedacht zijn, maar nooit gerealiseerd zijn.
Wist je bijvoorbeeld dat er een plan was om een wintersportcomplex in de vorm van een piramide weg te zetten, de Skiramide? Het project is gestrand door een gebrek aan investeerders en omdat een lokale aardbeienboer zijn grond niet wilde verkopen. Andere nooit gebouwde projecten in Tilburg zijn onder andere de Velodroom, de Torenstad en een in Versailles-stijl gebouwd nieuw classicistisch kasteel.
Iets verderop loop ik het Wilhelminapark in. Waar Spoorpark een modern stadspark is waar ongebruikelijke elementen in verwerkt zitten, is het Wilhelminapark een traditioneel park zoals je ze in veel Europese steden aantreft: veel ruimte voor bomen en ander groen, aangevuld met grasvelden en waterpartijen. Een klassieke gietijzeren brug en verschillende vaste stoelen maken het park af. Het is een fijne plek om jezelf even in het groen terug te trekken, maar geen specifieke bezienswaardigheid die noemenswaardig is.
11:00 uur – koffie met appeltaart
Tijd voor koffie. Heb sinds half zeven vanochtend niets meer op. Dan gaat een bakkie leut er altijd wel in. Het café van het Textielmuseum biedt mij de eerste mogelijkheid om koffie te drinken. De vorige twee plekken die ik gepasseerd ben, zouden pas om 11:00 opengaan. Ben daarom maar doorgelopen richting het museum. Daar neem ik plaats op het terras en bestel een cappuccino. Tijdens een citytrip mag er wat verwennerij bij. Die bestel ik in de vorm van een puntje appeltaart.
11:25 uur – Textielmuseum
Als er één museum in Tilburg is dat je niet mag overslaan, dan is het het TextielMuseum. De textielindustrie speelde een grote rol in de ontwikkeling van Tilburg van dorp tot industriestad. Wolspinnerijen, weverijen en handel brachten werkgelegenheid, groei en welvaart. Wie iets van die geschiedenis wil begrijpen, begint hier.
Na de koffie met gebak loop ik naar de kassa. Met mijn Museumkaart krijg ik gratis toegang, wat het museum ook een toegankelijke stop maakt binnen deze route door Tilburg. Het TextielMuseum is gevestigd aan de Goirkestraat, in een voormalige textielfabriek. Alleen het gebouw maakt al duidelijk dat dit geen museum is dat losstaat van de stad.
Binnen gaat het niet uitsluitend over oude machines en het Tilburgse verleden. Het museum laat zien hoe textiel nog altijd onderdeel is van kunst, mode, interieur en technologie. Historische objecten en tijdelijke tentoonstellingen wisselen elkaar af. Daardoor is het bezoek ook interessant wanneer textiel op zichzelf niet direct je grootste interesse heeft.
Het meest bijzondere onderdeel is het TextielLab. Hier werken ontwerpers, kunstenaars en vakmensen met moderne machines aan nieuwe stoffen, wandkleden, kleding en andere toepassingen. Bezoekers kunnen meekijken hoe technieken als weven, breien, borduren en laseren in de praktijk worden toegepast. Het maakt zichtbaar hoeveel vakmanschap, techniek en experiment achter iets ogenschijnlijk eenvoudigs als een lap stof kunnen schuilgaan.
Het museum is op dinsdag tot en met vrijdag geopend van 10:00 tot 17:00 uur; in het weekend gelden andere openingstijden. Controleer die vooraf, want een bezoek op maandag past niet in deze planning.
12:45 uur – lunch op een unieke plek
Ten noorden van het station zit Eetbar De Wagon. Hier hebben ze twee treinwagons omgebouwd tot horecagelegenheid, waar je kunt lunchen, dineren of een drankje kunt doen. Ik had eigenlijk een tafeltje binnen gereserveerd, maar het zomerse weer verleidt mij om buiten te gaan zitten. Pak de zomer waarbij hem pakken kunt, is mijn mening.
De menukaart biedt voldoende opties: van belegde broodsnedes tot salades en van pokebowls tot warme lekkernijen. Ik ga voor brood met pulled chicken: niet te machtig en hopelijk lekker fris dankzij de kerriesaus. Omdat ik voorlopig niet in de auto hoef te stappen, neem ik er een klein pilsje bij.
Het brood is royaal belegd met gekruide kip, verse atjar en allerlei groen. Het geheel is afgemaakt met een licht pikante kerriemayonaise. Een prima combinatie, die er goed ingaat. Voor deze lunch tik ik inclusief de fooi twee tientjes af.
13:20 uur – stadsvernieuwing
Aan de noordzijde van het treinstation zie je een goed voorbeeld van hoe stadsvernieuwing bijdraagt aan een mooiere stad. Hier in Tilburg hebben ze van een rangeerstation een geweldige horecagelegenheid gemaakt: Foodmarket Tilburg. Het is dat ik net mijn middagmaal achter de kiezen heb, anders had dit een prima plek geweest om te lunchen. Ik kan me goed voorstellen hoe het hier is als het drukker is. Met dit warme weer zoeken mensen toch vooral de terrassen op.
Het plein achter het station is autovrij en ingericht als een open ontmoetingsplaats. De beplanting is zorgvuldig gekozen; aan de ene kant zeer divers, aan de andere kant juist lekker autistisch ingericht, door grote vlakken met dezelfde planten te gebruiken. Rond het plein staan een aantal mooie voorbeelden van moderne architectuur.
13:45 uur – Natuurmuseum Brabant
Na de lunch duik ik het tweede museum van vandaag in: het Natuurmuseum Brabant. Dankzij de Museumkaart loop je toch wat gemakkelijker een museum binnen, als het je niets kost. Buiten zie ik een bord staan waar een tijdelijke expositie op aangekondigd staat: ‘GIGA, ontdek insecten zoals je ze nooit ziet’. Dat triggert me wel. Hoe ouder ik word, des te meer ik het belang van insecten begin in te zien en bewondering voor deze kleine diertjes te krijgen. Ben benieuwd hoe dit museum mij insecten voor gaat schotelen.
De begane grond heeft de opzet die je van een natuurhistorisch museum verwacht, met vitrines vol dieren, skeletten en opgezette exemplaren. Toch is het niet alleen kijken naar wat er achter glas staat. Via beeldschermen krijg je telkens een dier te zien, waarna je zelf moet uitzoeken in welke vitrine het zich bevindt. Het is een eenvoudige toevoeging, maar het zorgt ervoor dat je veel aandachtiger rondkijkt en ook details ziet die je anders waarschijnlijk zou missen.
Op dezelfde verdieping is er aandacht voor de ijstijd en voor de mensen die in deze streken leefden toen het klimaat veel kouder was dan nu. Je maakt kennis met de neanderthaler, die hier ongeveer tweehonderdduizend jaar geleden rondtrok, en ziet met welke dieren hij het landschap deelde. Mammoeten, wolharige neushoorns en grote roofdieren maken duidelijk dat het leven toen een stuk minder overzichtelijk was dan een wandeling door het huidige Brabantse landschap. De dieren zijn uiteraard replica’s, maar door hun formaat en de manier waarop ze zijn opgesteld, krijg je alsnog een goed beeld van de wereld waarin onze verre voorouders moesten zien te overleven.
De tentoonstelling GIGA is nog boeiender. Hier zie je een collectie flink uitvergrote foto’s van insecten. De schaal varieert van foto tot foto. Het betreft insecten die je gewoon in je eigen Nederlandse omgeving tegen kunt komen. Dat maakt de expositie nog interessanter, vind ik.
Vergeet vooral niet om de video te bekijken waarin uitgelegd wordt hoe de foto’s gemaakt zijn. Dit is geen gewone macrofotografie. Door gebruik te maken van een microscoop, ontstaat er een scherptediepte van ongeveer een honderdste millimeter. Door foto’s samen te voegen, kun je de complete foto creëren. In het meest extreme geval zijn er maar liefst 6000 foto’s nodig om tot één gedetailleerde insectenfoto te komen.
14:45 uur – Dwaalgebied
Via de Stationstraat loop ik het Dwaalgebied in. Dit is een van de leukere buurten in het hart van Tilburg. Denk aan wat meer alternatieve horeca en winkels, oftewel zaken met karakter. Het zijn van die plekken die op je to-visit lijstje moeten staan als je een stad bezoekt. Hier lijkt het leven simpeler, lijkt de cadans van de stad een tandje trager te gaan. Heerlijk, als je het mij vraagt.
Het duurt niet lang totdat ik op een terrasje neerstrijk. Even genieten van de omgeving en een koel drankje. Het terras van Stadscafé De Spaarbank biedt me een mooi plekje, half in de schaduw en met uitstekend zicht op alles wat er op straat gebeurt. Leuk om even wat mensen te observeren.
Dat ik niet zo van winkelen houd, is bij de vaste lezers van mijn ‘in 12 uur’-verhalen inmiddels wel bekend. Toch stap ik af en toe een winkel binnen, zoals in Tilburg bij Cool Bananas. Op de etalageruit staat dat het een ‘winkel met leuke spullen’ is. Dat maakt mij nieuwsgierig.
Zodra ik over de drempel stap, zie ik dat die omschrijving de lading goed dekt. Cool Bananas verkoopt onder meer bijzondere kookboeken, spellen, kaarten, notitieboeken, tassen, gadgets en kleine cadeaus. Een deel van het aanbod draait om films, series, muziek en popcultuur. Zo liggen er boeken en spellen rond onder meer Star Wars, Harry Potter, Marvel, Disney en The Simpsons.
De winkel is compact, maar staat opvallend vol met spullen die je niet snel bij een grote keten tegenkomt. Je kunt er gericht iets zoeken, maar het is minstens zo leuk om zonder plan tussen de boekenkasten, tafelvitrines en rekken rond te kijken.
15:30 uur – clash van architectonische stijlen
Naarmate ik dieper het centrum van Tilburg inloop, laat het karakter van de stad zichzelf steeds meer zien. Alsof een jonge bloem die aan het ontluiken is. Op en rond het Stadhuisplein word ik geconfronteerd met een enorme clash van architectonische stijlen. Het lijkt er bijna op alsof ieder tijdvak van de afgelopen jaren hier z’n sporen heeft achtergelaten. Het begint met de Schouwburgpromenade aan de ene kant en de St. Dionysuskerk aan de andere kant. Aan de zuidelijke zijde van het plein staat de schouwburg die rond het einde van de jaren 50 gebouwd is, met daarnaast de veel modernere concertzaal.
De bonte mix van stijlen wordt afgerond met het Paleis-Raadhuis, dat tussen 1847 en 1849 werd gebouwd in opdracht van koning Willem II. Het gebouw was bedoeld als zijn residentie, maar zover kwam het nooit: de koning overleed enkele weken voor de oplevering. Het paleis is opgetrokken in neogotische stijl, met spitsboogvensters, kantelen en torentjes die aan een middeleeuws kasteel doen denken. Later kreeg het gebouw een nieuwe functie als raadhuis en werd het interieur deels voorzien van art-deco-elementen.
16:15 uur – Museum De Pont
Voor het laatste deel van de middag heb ik twee opties: ik blijf in het centrum of ik bezoek nog een museum. De meeste mensen zouden in het hart van Tilburg blijven hangen en gaan shoppen of het terras bezoeken. Ik ben nieuwsgierig naar wat Museum De Pont te bieden heeft. Niet echt efficiënt, want dit museum ligt ten noorden van het station, in de buurt van het Textielmuseum. Ik had die twee beter kunnen combineren. Misschien een wijze les voor de lezers van deze ‘Tilburg in 12 uur’.
Het De Pont Museum behoort tot de belangrijkste musea voor hedendaagse kunst in Nederland. Het museum is gevestigd in een voormalige wolspinnerij, waarvan de industriële architectuur grotendeels behouden is gebleven. De hoge fabriekshal met het karakteristieke zaagtanddak en de kleinere voormalige wolhokken vormen een bijzondere omgeving voor schilderijen, beelden, installaties, videokunst en fotografie. Sinds de opening in 1992 heeft De Pont een internationale reputatie opgebouwd met een vaste collectie en wisselende solotentoonstellingen van toonaangevende hedendaagse kunstenaars.
Mijn ervaring met hedendaagse kunst is dat het je soms pakt, maar soms ook helemaal niet. Het is altijd maar afwachten wat het wordt.
Voor de ingang van het De Pont Museum staat Sky Mirror (for Hendrik), een zeseneenhalve meter hoog kunstwerk van de Brits-Indiase kunstenaar Anish Kapoor. De monumentale, gepolijste roestvrijstalen spiegel helt onder een hoek van dertig graden en weerspiegelt voortdurend de lucht, wolken en het veranderende daglicht. Daardoor ziet het kunstwerk er op elk moment anders uit. De Tilburgse uitvoering is bovendien bijzonder, omdat het de eerste rechthoekige versie binnen de internationale Sky Mirror-serie is.
Het museum zelf valt me tegen. Ik heb het gevoel dat ik ‘bijzondere middeltjes’ moet gebruiken om te begrijpen wat men gemaakt heeft. Ik kan er niets mee. Weet niet of dat aan de kunstenaars, de kunstwerken of aan mij ligt
Het enige kunstwerk dat wel indruk op mij maakt, is een van de bekendste kunstwerken in het De Pont Museum: Große Geister van de Duitse kunstenaar Thomas Schütte. De installatie bestaat uit drie monumentale aluminium figuren die door hun glanzende oppervlak de ruimte en de bezoekers weerspiegelen. De beelden ogen menselijk, maar hebben tegelijkertijd iets mysterieus en buitenaards. Afhankelijk van het standpunt en de lichtinval verandert de uitstraling voortdurend. Juist die combinatie van eenvoud, schaal en reflectie maakt Große Geister tot een van de meest herkenbare en gefotografeerde werken uit de vaste collectie van het De Pont Museum.
17:45 uur – biertje
De Heuvel en de aangrenzende Korte Heuvel vormen het hart van het uitgaansleven in Tilburg. Rond het Heuvelplein liggen tientallen cafés, restaurants en terrassen, terwijl de Korte Heuvel bekendstaat om de vele kroegen, danscafés en het uitgaanspubliek. Ik ga een biertje drinken bij The Talk, aan de Heuvel.
Het is hier in de schaduw heerlijk vertoeven op het terras. Ik bestel het eigen witbier van The Talk, dat ze in samenwerking met Jopen ontwikkeld hebben. Het smaakt me prima. Heerlijk genieten in Tilburg, zo.
Aan de Heuvel staat de Sint-Jozefkerk, die vrijwel iedereen in Tilburg gewoon de Heuvelse Kerk noemt. De kerk is ontworpen door de Tilburgse architect Hendrik Jacobus van Tulder en werd in 1873 in gebruik genomen; de voorgevel met de twee torens kwam pas in 1889 gereed. Het is een neogotische kruisbasiliek met twee torens van 72 meter hoog, die vanuit verschillende delen van de stad goed zichtbaar zijn. Sinds 1976 is de kerk een rijksmonument.
De Heuvelse Kerk heeft nog altijd een religieuze functie binnen Parochie De Goede Herder. Op werkdagen is er aan het einde van de middag een eucharistieviering en op zondag vindt hier een viering plaats. Daarnaast wordt het gebouw gebruikt voor onder meer concerten, kooroptredens en andere bijeenkomsten, waardoor de kerk ook buiten de reguliere kerkdiensten regelmatig toegankelijk en in gebruik is.
Dat de horeca in Nederland niet voordelig is, blijkt op het moment dat ik ruim 15 euro af mag tikken voor een groot en een klein biertje. Je zou bijna een tweede hypotheek af moeten sluiten als je hier een avondje wilt gaan stappen. Ik tik mijn pas tegen de betaalautomaat en vergeet heel snel wat ik kwijt was voor een uurtje op het terras.
18:55 uur – Walk of Fame
Wist je dat Tilburg een eigen variant op de Walk of Fame heeft? Deze ligt aan de Spoorlaan, net ten zuidoosten van het station. Ik stuit er min of meer toevallig op wanneer ik richting het station loop.
In de bestrating liggen tegels voor Tilburgers die op een opvallende manier iets voor de stad hebben betekend.
De eerste tegel was in 2009 voor Guus Meeuwis, die tijdens zijn studietijd in Tilburg doorbrak met ‘Het is een nacht’. Ook Jacqueline Govaert, de zangeres en frontvrouw van Krezip, heeft inmiddels een eigen tegel; zij groeide op in Tilburg en volgde hier de Rockacademie. Verder kom je namen tegen uit de muziek, sport, cultuur en het sociale leven, waardoor deze korte route langs de Spoorlaan tegelijk een kleine eregalerij van de stad vormt.
19:15 uur – keuze uit 17 verschillende keukens
Voor het avondeten keer ik terug naar Foodmarket Tilburg, waar ik eerder op de dag al even binnen heb gekeken. De keuze uit zeventien verschillende keukens geeft de doorslag, net als het feit dat ik helemaal niet zo veel trek heb. Eten bij Foodmarket Tilburg voelt laagdrempeliger dan aanschuiven in een restaurant: je kiest waar je op dat moment zin in hebt, bestelt aan de counter en zoekt vervolgens zelf een tafel uit. Of je gaat direct aan een tafel zitten en bestelt via de aanwezige QR-code.
Het aanbod loopt uiteen van burgers en pizza tot sushi, poké bowls, pasta en gerechten uit onder meer de Mexicaanse, Vietnamese en Indiase keuken. Daardoor is dit ook een prettige plek wanneer je met meerdere mensen bent en niet iedereen hetzelfde wil eten. De ruimte heeft meer weg van een moderne overdekte eetmarkt dan van een klassiek restaurant, met genoeg reuring zonder dat het onpersoonlijk wordt.
Ik eet vanavond niet alleen. Mijn jongste dochter werkt in Tilburg en sluit bij Foodmarket Tilburg aan voor een hapje, voordat we samen terugreizen naar Roosendaal. Zij kiest bij Chimac voor een Koreaans gerecht met kip en rijst, terwijl ik bij Happy Siam de gebakken rijst met kip bestel.
Dat is meteen het praktische voordeel van zo’n foodmarket: ieder kiest zonder overleg precies waar hij trek in heeft. We hoeven niet lang te zoeken naar een restaurant dat voor ons allebei past en kunnen snel aan tafel. Terwijl we eten, vullen de gesprekken over haar werk en mijn dag in Tilburg de tijd moeiteloos op.
20:17 uur – met de trein terug
Na het eten is het slechts twee minuten lopen naar station Tilburg. Daar nemen we de trein van 20:17 uur richting Roosendaal. Door uitgevallen treinen op deze route rijden we niet rechtstreeks en moeten we in Breda overstappen.
De extra overstap is wat onhandig, maar levert geen grote vertraging op. Iets na negen uur stappen we uit in Roosendaal en rond 21:20 uur zijn we weer thuis. Na een douche sluit ik de dag af met het besef dat Tilburg zich niet in één beeld laat vangen. De stad is soms rauw, soms verrassend stijlvol en op sommige plekken gewoon prettig ongedwongen. Precies daardoor was deze twaalf uur in Tilburg meer dan alleen een rondje langs bekende adressen.




























































Nog geen reacties op De hoogtepunten van Tilburg